Uit Den Ouden Doosch #1: Schrijven over schrijven

Voordat ik deze blog begon, heb ik allerlei kleine plekjes op het wereldwijde web veroverd. Hartstikke leuk natuurlijk, maar al deze ‘.blogger.com’-, ‘.reismee.nl’- en ‘.wordpress.com’-domeinen mogen inmiddels wel eens definitief verwijderd worden. Toch zou ik het zonde vinden om die nostalgische stukjes tekst van mijn vroegere ik te laten vergaan. Onder het mom van jeugdherinneringen, vind je hier daarom eens in de zoveel tijd een stukje dat ik jaren geleden geschreven heb, inclusief datum en leeftijd. Benieuwd wat jonge(re) Maudy zoal bezig hield? Lees vooral verder!

Schrijven over Schrijven

Soms is het fijn om gewoon even te schrijven. Eventjes maar. Lekker alles van je af gooien. ‘Maar waar wil je dan over schrijven, Maudy?’ Ja goeie, dat weet ik zelf ook niet. Mijn vingers glijden gewoon over de toetsen en dat, tsja – dat voelt goed.

Ik weet nog dat –  toen ik in groep drie zat – schrijven mijn favoriete vak was. Ik had een mooi handschrift en deed graag mijn best om met ‘de gouden gelpen’ te mogen schrijven: een memorabel moment toen het dan eindelijk mocht. Mijn broer en ik hadden vaak ruzie over dit onderwerp. Ziet u, ik was goed in schrijven en hij in rekenen. Competitief als mijn grote broer en ik waren (herstel: zijn), móésten we de discussie wel aan gaan: wat is belangrijker, rekenen of schrijven? Uiteraard won mijn broer, want hé, computers waren tóch al binnen handbereik. Wie had er nog een handschrift nodig?

Toen ik eindelijk een grote meid was en naar de middelbare school mocht, kwam daar heel iets anders voor in de plaats. Schrijven en spelling werd Nederlands. Let wel, het vak Nederlands, niet zomaar even die taal die wij dachten te beheersen. Dachten, want zodra wij als twaalfjarigen onze eerste les instapten, werd het pijnlijk duidelijk hoe weinig wij eigenlijk van deze taal afwisten. Van hoofdgedachte en hoofdpersoon tot eufemisme en tautologie: de woorden werden met de jaren ingewikkelder. Al vrij snel bleek dat er meer achter schrijven zat dan alleen een handschrift. Sterker nog, dat handschrift had je helemaal niet nodig. Typen zou je, en het liefst een beetje snel. Om daarna al je ijverige werk streng met rood gemarkeerd terug te krijgen. Tekstopbouw, woordvolgorde, we moesten er allemaal aan geloven.

Als een van de weinigen vond ik schrijven niet zo’n hel. Natuurlijk, dat gemuggenzift en literaire gezeur van mijn leraar kon ik missen als kiespijn, maar het schrijven zelf vond ik leuk. Interessant zelfs, hoe je een tekst kon verbeteren. En zouden schrijvers van boeken nou zelf ook zo nadenken over leidmotieven en manipuleertechnieken? Ik kon me er wel in vinden, dat neerzetten van woordjes in de juiste volgorde. Een boekrecensie schrijven? Geen punt, doet Maudy effe. Met liefde. Nou ja, soms dan.

Inmiddels zit ik op de universiteit en aangezien ik geen literaire studie heb gekozen, doen ze hier niet aan ‘schrijven voor de leuk’. Nee, dit is het echte werk: keiharde wetenschappelijke artikelen. Rapporten,  papers, onderzoeksvoorstellen, die zooi. Niemand geeft om een mooie woordspeling of een grappige metafoor. De uni heeft de schoonheid van het schrijven weggenomen. Zonde, eigenlijk. Ik had er plezier in en nu doe ik het vrijwel nooit meer. Misschien is dat wel de reden dat ik dit type, op een normale vrijdagavond rond 11 uur, terwijl mijn leeftijdsgenootjes zich waarschijnlijk klaarmaken voor een avondje stappen. Niet dat ik iets interessants te melden heb, nee joh. Ik schrijf gewoon een stukje. Over schrijven.

Maudy van der Heide
31 januari 2015 – 18 jaar

Haha, zelf vind ik het behoorlijk grappig om dit te lezen! Vooral gezien het feit dat ik pas vier maanden studeerde toen ik dit schreef, en toen al flink de pee had in het academisch schrijven. Des te toepasselijker nu ik aan de beginselen mijn master thesis sta. Oh, en zo lekker pretentieus ook, met dat “ziet u, …”. Hilarisch! Al met al vind ik het super leuk om dit weer eens terug te lezen, en ik kan me het plezier waarmee ik dit schreef ook weer voor de geest halen. Fijne dingen!

Schreef jij vroeger veel, en had je ook van die fijne blogadresjes? Of heb je pas later de schik in het schrijven gevonden? Vertel het in de comments!

Liefs,
Maudy

Deze post heeft 4 reacties

  1. Ik had in mijn middelbare schooltijd ook een web-log-site destijds. Aan academisch schrijven moest ik ook wel wennen. Was helemaal mooi toen ik tegelijk een scriptie schreef en stage liep. De richtlijnen voor taalgebruik waren ongeveer compleet tegenstrijdig 😉

    1. Hahaha gek hè, hoe verschillend die richtlijnen zijn? Echt twee tegenovergestelde dingen. Gelukkig ben je er nu vanaf!

  2. Ik heb zoveel blogs gehad dat ik van sommige de naam niet eens meer weet. Dat is wel jammer, want zo zijn er heel wat schrijfsels van mij verloren gegaan. Maar ik hield ook dagboeken bij (doe ik nu niet meer), en gedichten-schriftjes, dus ik ben niet ALLES kwijt gelukkig… Maar academisch schrijven vond ik echt vreselijk. Ik ben heel blij dat ik mijn masterscriptie al een paar jaar achter de rug heb. 😀 Succes met die van jou!

    1. Jaaa zonde hè? Ik had ook allerlei dagboeken en ik ben ooit zo dom geweest om ze allemaal weg te gooien, zo jammer nu! En dankjewel voor het succes toewensen met het schrijven van mijn scriptie – ik ga het nodig hebben!

Geef een reactie